Noorderhaven, Zutphen

Gelderse Archeologie Kroniek 2019

In de nieuwbouwwijk ‘Noorderhaven’ ten noorden van het stationsgebied van Zutphen is in 2019 een groot molencomplex onderzocht. Tijdens het archeologisch onderzoek zijn de resten van twee molens blootgelegd, die onderdeel waren van een grote houtzagerij met bijbehorende molenvijver om het hout te wateren.

Twee molens

De eerste molen werd eind achttiende eeuw gebouwd en heette De Zwaan. Aanvankelijk was het een windmolen, die later werd omgebouwd tot een met stoom aangedreven molen. Van dit gebouw werd de zeshoek van funderingspoeren gevonden, en ook de rijen poeren van een langwerpige zaagloods. Aan de kant van de vijver werden bovendien de houten palen van de helling terug gevonden waarover de boomstammen de loods in getakeld werden.

Ook de tweede zaagmolen van het complex kon worden onderzocht. Deze is ook begonnen als windmolen, maar is later gebouwd dan De Zwaan. De plattegrond is vergelijkbaar met de Deventer Bolwerksmolen, waarbij geen centrale zeshoek-constructie aanwezig is, maar waarbij de molen en de loods meer geïntegreerd waren. Ook deze molen is later tot stoommolen verbouwd. Het gemetselde blok waarin het vliegwiel van de stoommachine rustte, is zelfs teruggevonden. Ook zijn er ijzeren voorwerpen gevonden die met de molen van doen hebben, zoals stukken van lange zaagbladen, ijzeren wiggen waarmee de zaagbladen werden gespannen en de haken van het krabbelrad.

Stadsweide

Voordat het terrein werd ingericht als molencomplex, was het in gebruik als stadsweide. Vrijwel de hele Mars werd verpacht aan stadsbewoners om hun vee te weiden. Alleen dit specifieke, omgreppelde stukje stadsweide, waar de opgravingen zijn uitgevoerd, had een speciale functie: kadaverveld. Hier werden de kadavers van de zieke dieren begraven. Er zijn tientallen complete paarden- en runderskeletten gevonden, met name van jonge of jong volwassen runderen. De runderen kunnen bezweken zijn aan de runderpest die in de achttiende eeuw huishield onder het vee. Aardig detail is dat de hoeven er steevast afgekapt zijn; waarschijnlijk werden die verkocht aan de naast gelegen lijmerij, die het als grondstof gebruikte.

Begraven paarden

De hier begraven paarden zijn wel ouder geworden. Ze zijn of letterlijk door hun hoeven gezakt van ouderdom, óf zijn misschien gestorven aan kwade droes, een ziekte die in de achttiende eeuw nog regelmatig voorkwam. Bij één van de paarden was de wervelkolom compleet vergroeid, waarbij de wervels als het ware één lang bot vormden. Dit is een teken van zware overbelasting, waarbij men kan denken aan een rosmolenpaard, dat zijn leven niets anders deed dan steeds hetzelfde rondje lopen om molenstenen in beweging te houden.

Dit verhaal is onderdeel van de Gelderse Archeologische Kroniek 2019.

De opgravingen zijn uitgevoerd door team archeologie van de gemeente Zutphen. De rapportage was in juni 2020 nog niet verschenen, omdat er later in het jaar 2020 nog een laatste veldwerkfase volgt waar nog een deel van de vestingwerken van Menno van Coehoorn zal worden onderzocht.

 

 


Rechten

© Bert Fermin en Michel Groothedde, CC-BY-NC

Relevante links

Vond u dit artikel nuttig?

Verwante verhalen

Lees meer

Contactgegevens

Erfgoed Gelderland
Team mijnGelderland
Westervoortsedijk 67-D
6827 AT Arnhem

026-3521690
info@mijngelderland.nl

Inschrijven nieuwsbrief

 

mijnGelderland Sociale media

erfgoed gelderland

Contactgegevens

Erfgoed Gelderland
team mijnGelderland
Westervoortsedijk 67-D
6827 AT Arnhem

T 026-3521690
E info@mijngelderland.nl