Kasteel Bloemestein Verdwenen onder de wal van Culemborg

Kasteel Bloemestein bij Culemborg toegeschreven aan Antonina Houbraken 1700-1724 © Antonina Houbraken (1700-1724), RKD, cc-by Kasteel Bloemestein - Abrahem Rademaker 1718-1730 © Abrahem Rademaker 1718-1730, Kastelen in Nederland, cc-by
Bij de rivier de Lek is aan de verhoogde oeverwal van het riviertje de Meer de stad Culemborg ontstaan als een handelsnederzetting. Op deze economisch en strategisch belangrijke plaats bouwen de heren van Culemborg hun kasteel. Hier wordt ook kasteel Bloemestein gesticht. Oorlogen en verwoestingen treffen de stad en de kastelen meermalen.

Speelbal tussen Hoeken en Kabeljauwen

Reeds vóór 1390 ligt er bij Culemborg, mogelijk aan de noordzijde nabij de Lek, het kasteel Bloemestein. Het zijn machtspolitieke tegenstellingen die het lot van deze burcht bepalen. Vanaf de tweede helft van de veertiende eeuw ontstaat er rond de opvolging van graaf Willem IV van Holland een strijd waarbij adel en steden betrokken raken. Er ontstaan twee partijen, de Hoeken en de Kabeljauwen. Deze laatsten zijn vooral burgers die graaf Willem V aanhangen en zij komen in opstand tegen de gevestigde orde van de leidende families. De gevestigde orde biedt tegenstand tegen de opstandelingen en noemen zich Hoeken, afgeleid van de ‘haak’ waarmee de ‘kabeljauwen’ gevangen kunnen worden.

Het gevecht om de grenzen van de macht

Er wordt door edelen en steden al snel partij gekozen en de keuze in het conflict wordt vaak bepaald door de bestaande spanningen over de grenzen tussen bepaalde gebieden. Kasteel Bloemestein is tot 1390 in handen van Johan van Bloemenstein, die Hoeksgezind is. Het kasteel wordt in 1390 ingenomen door Otto XIII van Arkel, die partij kiest voor de Kabeljauwen. De heer van Arkel laat na zijn verovering Bloemestein tot op de grond toe afbreken. Sweeder van Culemborg schrijft hierover in die tijd en voegt er aan toe: ‘veel van den steen leyt onder de stadtst muyren van Culemborch in de nije stad’.

Wat er rest is de verbeelding

Boven het maaiveld zijn er geen sporen over gebleven van kasteel Bloemestein. Alleen een tekening die wordt toegeschreven aan Antonina Houbraken, die dateert van het begin van de achttiende eeuw. Kasteel Bloemestein wordt met veel fantasie afgebeeld met een hoofdgebouw met twee evenwijdige vleugels en het geheel wordt omgeven door een weermuur met ronde torens. In 1884 schrijft de predikant Jacobus Craandijk in zijn boek ‘Wandelingen door Nederland met pen en potlood, deel 7’ wat we al weten van Sweeder van Culemborg, namelijk dat ‘onder den wal der nieuwe stad heel wat puin [lag] dat van het verwoeste kasteel Bloemestein afkomstig was’.

Bronnen

Jan Vredenburg (eindred.), Kastelen in Gelderland, Uitgeverij Matrijs, Utrecht 2013, p. 202.

Auteur: Ben Boersema

Locatie

Vond u dit artikel nuttig?
Ja Nee

Inschrijven nieuwsbrief

Contactgegevens

Erfgoed Gelderland
team mijnGelderland
Westervoortsedijk 67-D
6827 AT Arnhem

T 026-3521690
E info@mijngelderland.nl