Van dijkversterking naar Ruimte voor de Rivier De Waal als toekomstopgave, Werken aan een nieuw Waallandschap 2

In Brakel moest in 1975 onder meer het voormalige gemeentehuis voor dijkversterking wijken. Sinds 1980 staat op de plek van het gemeentehuis het Vrouwtje van Brakel, dat zorgelijk over de Waal tuurt. © Via Collectie Gelderland, Gelderland in Beeld, gemeente Zaltbommel Schilder-beeldhouwer Willem den Ouden werd zijn hele leven geïnspireerd door de Waal, zoals te zien op dit Waallandschap uit 1976. Hij verzette zich in de jaren zeventig en tachtig tegen de dijkverzwaringsplannen. © via Collectie Gelderland Museum het Valkhof Langs de Waal zijn de oude kribben verwijderd of verlaagd. Om te zorgen dat de stroom goed geleid wordt en scheepvaart mogelijk blijft, zijn hier en daar ook langgerekte langsdammen aangelegd. © Beeldbank Rijkswaterstaat. Ruimte voor de Rivier Een belangrijk aspect van het beheer van de nieuwe natuurgebieden in de uiterwaarden, is de inzet van grote grazers, zoals pony’s, Heckrunderen en Konikpaarden, hier in de Millingerwaard, bij hoogwater © Beeldbank Rijkswaterstaat. Ruimte voor de Rivier
Na de Watersnoodramp van 1953 moesten eveneens de dijken in het rivierengebied versterkt worden. De rigoureuze aanpak daarvan leidde tot veel protest. Ondertussen ontstonden in de natuurwereld nieuwe inzichten, die tot een kentering in het denken over waterveiligheid leidden. De bijna-ramp van 1995 zorgde voor een stroomversnelling. Vanaf toen werd ‘ruimte voor de rivier’ een belangrijk principe voor de (her)inrichting van het rivierengebied.

Deze tekst maakt onderdeel uit van de special Verbeelding van de Waal, De Waal als toekomstopgave, thema Werken aan een nieuw Waallandschap

Dijkversterking

Na de Watersnoodramp van 1953 werd duidelijk dat ook de rivierdijken op sterkte gebracht moesten worden. In de jaren zestig begonnen de waterschappen en polderdistricten aan de voorbereiding en uitvoering. Vaak werden daarbij oude, bochtige dijktracés rechtgetrokken en moesten monumenten en landschapselementen verdwijnen. Begin jaren zeventig leidde dat tot een groeiende stroom protetsen van bewoners en natuur- en milieuorganisaties. Het historische Waaldorp Brakel – waar talloze monumenten moesten wijken - groeide vanaf 1974 uit tot het symbool van de protestbeweging. De actievoerders vonden dat er meer rekening gehouden moest worden met het rivierenlandschap en dat onderzocht moest worden of er meer ruimtelijke oplossingen mogelijk waren. De protesten leidden in de jaren tachtig niet alleen bij verschillende dijkversterkingsprojecten tot vertraging, maar hebben achteraf gezien mede geleid tot een nieuwe kijk op waterveiligheid.

Plan Ooievaar: meer aandacht voor natuurlijke processen

Ook in de natuurwereld ontstonden nieuwe inzichten. Vooruitstrevende ecologen en landschapsarchitecten pleitten voor nieuwe natuurgebieden, waar de natuur zijn gang kon gaan. In 1986 – in hetzelfde jaar als de Sandoz-ramp - verscheen Plan Ooievaar, waarin die ideeën concreet waren uitgewerkt voor het rivierengebied. Juist in de uiterwaarden lagen kansen voor dynamische natuurlijke processen. In de uiterwaarden moest landbouwgrond daarom omgevormd worden tot natuurgebieden met stromend water en wisselende waterpeilen. Door klei- en zandwinning konden nevengeulen worden aangelegd, die ruimte boden voor rivierdynamiek. Ooibossen, moerassen en natuurlijke grazers waren belangrijke bouwstenen voor de nieuwe riviernatuur.

Plan Ooievaar sloeg aan. In 1989 werd het idee van natuurontwikkeling een belangrijke pijler in het nieuwe Natuurbeleidsplan. Door nieuwe natuurgebieden te ontwikkelen en met elkaar te verbinden kon een samenhangende Ecologische Hoofdstructuur worden opgezet. De uiterwaarden vormen daar een belangrijke schakel in. De eerste natuurontwikkelingsprojecten in het rivierengebied waren de Ooijpolder (1987), de Millingerwaard (1991), en de Blauwe (1992).

Deltaplan Grote Rivieren en Ruimte voor de Rivier

Na de bijna-ramp van januari 1995, toen de Waaldijken op verschillende plaatsen dreigden te bezwijken, kwamen de ontwikkelingen van de afgelopen decennia bij elkaar. Met het Deltaplan Grote Rivieren, dat veel meer rekening met landschappelijke en ecologische waarden dan de oude plannen, maakte het kabinet razendsnel een begin met de versterking van de rivierdijken.

Tegelijk met het Deltaplan Grote Rivieren trad ook de beleidslijn ‘Ruimte voor de Rivier’ in werking, niet minder dan een revolutie in de waterstaatswereld. Er werd niet meer alleen ingezet op het verhogen van dijken en het beteugelen van de rivier. Door de rivier letterlijk meer ruimte te geven, kon de veiligheid achter de dijken verhoogd worden. Was natuurontwikkeling in het rivierengebied tot nu toe vooral een zaak van natuurbeschermers geweest, vanaf 1995 werd het ook omarmd door Rijkswaterstaat. In de praktijk bestond de aanpak uit een mix van maatregelen, zoals het terugleggen van de dijken, het verlagen van de zomerdijken, het graven van nevengeulen, het verlagen van de uiterwaarden en het verwijderen van obstakels, zoals gebouwen, bosjes en heggen. Vaak gebeurde dit in combinatie met klei- en grindwinning.

Voor de Waal is door de provincie Gelderland een apart samenwerkingsprogramma opgesteld, ‘WaalWeelde’ genaamd. In dit programma is veiligheid gekoppeld aan natuurontwikkeling, bedrijvigheid, recreatie, wonen en landschap.

Auteur: Overland, in opdracht van De Bastei, Nijmegen.

Vervolg: Nieuwe Waallandschappen met oude wortels



Links

Afb Vrouwtje van Brakel
Schilderij Waal
Afb Kribben
Afb Paarden

Locatie


Reageer op dit verhaal

Stuur hier een reactie op bovenstaand verhaal. Je hoeft niet per sé in te loggen bij Disqus, een bijdrage leveren als gast is ook mogelijk. Vul wel altijd een e-mailadres in. Aanvullende afbeeldingen plaatsen, kan ook, mits rechtenvrij.

comments powered by Disqus

Inschrijven nieuwsbrief

Contactgegevens

Erfgoed Gelderland
team mijnGelderland
Westervoortsedijk 67-D
6827 AT Arnhem

T 026-3521690
E info@mijngelderland.nl