Unieke Romeinse goudschat uit de Betuwe in Museum het Valkhof Een vondst met een bijzonder verhaal

Verspreidingskaart Laat-Romeinse goudschatten in Nederland en omgeving en hun datering. Voorzijde van een gouden munt van keizer Maiorianus (457-461 n.Chr.) © Nationale Numismatische Collectie, De Nederlandsche Bank Overzichtsfoto van de goudschat van Lienden © Museum Het Valkhof Opgravingsfoto op de locatie van de goudschat te Lienden Zegelring uit het graf van de Frankische kleinkoning Childeric I, met portret van de vorst en de tekst Childirici regis © Wikimedia Commons

Datum

1-6-2017 t/m 31-12-2017

Vanaf juni 2017 is in Museum Het Valkhof een unieke gouden Romeinse schat te bewonderen. De schat zal rond 460 na Chr. zijn begraven, niet lang vóór de definitieve val van het West-Romeinse rijk in 476. Detectorzoekers vonden het goud in een boomgaard in de Betuwe en seinden professionele archeologen in. Daarop volgde een kleine opgraving. Bijzonder is dat de vinders en de grondeigenaar de goudschat in langdurig bruikleen afstaan aan Museum Het Valkhof, zodat iedereen deze bijzondere vondst kan bekijken.

De vondst

In het Gelderse Lienden (gemeente Buren) vonden detectorzoekers tussen 2012 en 2016 in totaal 31 gouden munten (solidi) uit de laat-Romeinse tijd. Zij meldden deze vondst aan archeologen van de Vrije Universiteit in Amsterdam. In 2016 volgde daarop een kleine opgraving, waarbij de vindplaats nader werd onderzocht. Er werden graven aangetroffen uit de Midden-Bronstijd, ca. 1800 voor Chr. De muntschat lijkt in een tijd van crisis begraven te zijn op een goed herkenbaar punt in het landschap, om later makkelijk terug te vinden. Mogelijk was die plek een toen nog zichtbare grafheuvel uit de Midden-Bronstijd.

De datering van de goudschat

In de 19de en begin van de 20ste eeuw zijn op dezelfde vindplaats zeker 11 gouden munten uit het eind van de 4de en eerste helft van de 5de eeuw gevonden. De schat heeft dus oorspronkelijk uit tenminste 42 goudstukken bestaan en is de grootste schat van solidi uit Nederland. De jongste munt, die in het verleden is gevonden, is van keizer Majorianus, die regeerde tussen 457-461 na Chr.

De betekenis van de schat

Het is bekend dat vanaf de late 4de eeuw Romeinse keizers en generaals militaire steun hebben gezocht bij Germaanse groepen, waaronder in onze streken de Franken, in ruil voor betalingen in goud. De Liendense schat zal rond 460 na Chr. zijn begraven, kort voordat in 476 het West-Romeinse rijk definitief uiteenviel. Daarmee is deze schat de laatste Romeinse goudschat uit Nederland, die het einde van het Romeinse gezag in ons land markeert.

Een volgeling van Childerik?

Keizer Majorianus en zijn generaal Aegidius probeerden tussen 457 en 464 Gallië weer onder Romeins gezag te krijgen door oorlogen te voeren tegen Germaanse groepen, tegen het Visigothische en het Bourgondische rijk. In ruil voor goud, zochten zij, net als hun voorgangers, militaire steun bij de Franken in Noord-Gallië, waartoe ook Nederland behoorde. Koning van het rijk van de Franken werd omstreeks 458 Childerik, die zijn vader Merovech opvolgde. De machtsbasis van het rijk lag rond de stad Doornik, waar Childerik’s uitzonderlijk rijke graf is teruggevonden. Hij steunde de Romeinen en zal goud hebben ontvangen om zijn volgelingen te kunnen belonen. Mogelijk is de eigenaar van de schat van Lienden een volgeling van Childerik geweest. In ieder geval was het een belangrijke lokale Frankische leider.

Meer informatie en de link naar het artikel met achtergrondinformatie vindt u op de website van Museum het Valkhof.  

Locatie


Reageer op dit verhaal

comments powered by Disqus

Inschrijven nieuwsbrief

Contactgegevens

Erfgoed Gelderland
team mijnGelderland
Westervoortsedijk 67-D
6827 AT Arnhem

T 026-3521690
E info@mijngelderland.nl